Wanneer het compromis niet binnen 6 maanden, nadat de eene Partij aan de andere het verlangen naar een scheidsrechterlijke beslechting van een geschil heeft kenbaar gemaakt, tusschen de Partijen tot stand komt, kan iedere Partij zich tot de in artikel 13 bedoelde Permanente Verzoeningscommissie wenden, ter opstelling van het compromis. Deze moet binnen 2 maanden, nadat een der Partijen zich tot haar heeft gewend, het compromis opstellen, waarbij het punt van geschil op grond van de conclusies der Partijen moet worden vastgesteld.
Evenzoo moet gehandeld worden, wanneer een Partij den door haar te benoemen rechter niet heeft aangewezen of wanneer de Partijen het niet eens zijn over de benoeming van de in gemeen overleg aan te wijzen rechters of van den Voorzitter.
De Permanente Verzoeningscommissie is verder bevoegd om, tot de aanwijzing van het Scheidsgerecht, een beslissing te nemen over elk ander geschil, dat betrekking heeft op het compromis.
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Nederlandsch-Duitsch Arbitrage- en Verzoeningsverdrag· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 14 augustus 1927