De onderdanen en de vennootschappen op het gebied van handel, nijverheid, financiën, verzekering, vervoer en verkeerswezen en in het algemeen alle ondernemingen met rechtspersoonlijkheid van een der Hooge Verdragsluitende Partijen zullen op het gebied van de andere de behandeling van de meestbegunstigde natie genieten voor wat betreft hun persoon, hun goederen, hun rechten en belangen op voorwaarde, dat zij zich gedragen overeenkomstig de wetten en voorschriften betreffende de toelating, het verblijf, de vestiging, de uitoefening van den handel en de nijverheid of van elke andere beroepsbezigheid, de verkrijging en het bezit van roerende en onroerende goederen, alsmede voor wat betreft alle belastingen, lasten of bijdragen van welken aard ook. Eveneens zullen de voortbrengselen van den bodem en van de nijverheid van elk der beide Hooge Verdragsluitende Partijen op het gebied van de andere de behandeling van de meestbegunstigde natie genieten voor wat betreft den invoer en den uitvoer, den opslag in entrepôts, den wederuitvoer en den doorvoer en in het algemeen voor wat betreft alle maatregelen van toepassing op de genoemde voortbrengselen. Evenzoo zullen de schepen van elk der beide Hooge Verdragsluitende Partijen in het gebied van de andere de behandeling van de meestbegunstigde natie genieten voor wat betreft alle maatregelen van toepassing op de scheepvaart in de wateren en havens van deze andere Partij.
Dientengevolge verbindt elk der beide Hooge Verdragsluitende Partijen zich de andere onmiddellijk en zonder voorwaarden of compensaties te doen deelen in alle gunsten, concessies en verminderingen van rechten, die zij heeft toegestaan of in de toekomst zal toestaan aan een derden Staat welke die ook zij.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Voorlopige handelsovereenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Roemenië· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 september 1930