De Partijen zullen bij de Permanente Verzoeningscommissie vertegenwoordigd zijn door agenten, die tot taak hebben als tusschenpersoon te dienen tusschen haar en de Commissie; zij zullen zich bovendien kunnen doen bijstaan door raadslieden en deskundigen, daartoe door haar benoemd, en het verhoor vragen van alle personen, wier getuigenis haar nuttig mocht lijken.
Van haar kant zal de Commissie de bevoegdheid hebben om mondelinge uiteenzettingen te vragen aan de agenten, raadslieden en deskundigen der twee Partijen, evenals aan alle personen waarvan zij het nuttig mocht oordeelen om met toestemming van hunne Regeering voor zich te laten verschijnen.
Artikel 16
Artikel 16
Onderdeel van Verdrag tussen Nederland en Noorwegen tot beslechting van geschillen door rechtspraak, arbitrage en verzoening· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 8 januari 1934