Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Arbitrage- en verzoeningsverdrag tussen Nederland en Frankrijk· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 10 mei 1930

Indien in het geval van een der geschillen bedoeld in artikel 2 de beide Partijen de Permanente Verzoeningscommissie niet hebben ingeroepen of indien deze er niet in geslaagd is de Partijen te verzoenen, zal het geschil in gemeenschappelijk overleg bij wege van een compromis worden onderworpen, hetzij aan het Hof van Internationale Justitie, dat zal beslissen onder de voorwaarden en volgens de procedure, voorzien bij zijn Statuut, hetzij aan een scheidsgerecht dat zal beslissen onder de voorwaarden en volgens de procedure voorzien door het Haagsch Verdrag van 18 October 1907, voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen. Bij gebreke van overeenstemming tusschen de Partijen over de keuze van het rechtsprekend orgaan, over de bepalingen van het compromis, of, in geval van arbitrale procedure, over de aanwijzing der arbiters, zal elk harer na aankondiging een maand van te voren, de bevoegdheid hebben het geschil rechtstreeks door middel van een verzoekschrift voor het Permanente Hof van Internationale Justitie te brengen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel