Naar hoofdinhoud

Artikel 19

Artikel 19

Onderdeel van Verdrag tussen Nederland en Spanje tot beslechting van geschillen door verzoening, rechtspraak en arbitrage· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 27 januari 1933

Indien in het in het vorig artikel bedoeld geval van een conflict de Partijen niet verzoend zijn kunnen worden, zullen zij gemeenschappelijk onderzoeken of er aanleiding is dit conflict aan arbitrage te onderwerpen. Indien zij het daarover eens worden, zal het conflict bij wege van compromis voor beslissing onderworpen worden aan een scheidsgerecht, dat de bevoegdheid heeft ex aequo et bono te beslissen, voor zoover de punten, waarover het geschil loopt, niet beheerscht worden door een tusschen beide Partijen van kracht zijnd verdrag of door het internationale recht. Indien niet anders is overeengekomen, zal het scheidsgerecht zijn samengesteld uit vijf leden die aangewezen zijn volgens de in de artikelen 5 en 6 van dit verdrag voor de samenstelling van de Verzoeningscommissie vastgestelde wijze, en zal handelen overeenkomstig de bepalingen van het verdrag van den Haag van 18 October 1907 voor de vreedzame beslechting van internationale geschillen. Het scheidsgerecht zal moeten zijn samengesteld binnen zes maanden nadat het verzoek om arbitrage is gedaan. De beslissing van het scheidsgerecht zal voor de Partijen bindend zijn.

Rechtspraak bij dit artikel