Alle geschillen van welken aard ook, die tot voorwerp hebben een recht, waarop een der Hooge verdragsluitende Partijen zich beroept en dat door de andere betwist wordt, en die niet op vriendschappelijke wijze langs de gewone diplomatieke wegen mochten kunnen worden geregeld, zullen, ter berechting worden voorgelegd aan het Permanente Hof van Internationale Justitie. In buitengewone gevallen en om redenen van bijzonderen aard, zal elk der Partijen het recht hebben te vragen, dat die geschillen zullen worden voorgelegd aan een scheidsgerecht, zooals hierna is voorzien. Men is het er over eens dat de hierboven bedoelde geschilpunten met name die omvatten, welke vermeld worden in artikel 13 van het handvest van den Volkenbond.
Deze overeenkomst is slechts van toepassing op geschillen, die mochten ontstaan na de bekrachtiging van dit Verdrag, ten aanzien van feiten die zich hebben voorgedaan na die bekrachtiging.
De geschillen, voor welker oplossing een speciale procedure is of zal worden voorzien in andere verdragen, die tusschen de Hooge verdragsluitende Partijen van kracht zijn, zullen worden geregeld volgens de bepalingen van die verdragen.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Verdrag tussen Nederland en Polen tot beslechting van geschillen door rechtspraak, arbitrage en verzoening· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 26 februari 1931