Er bestaat overeenstemming tusschen de Hooge Verdragsluitende Partijen om de consulaire- en handelsbetrekkingen tusschen hare wederzijdsche landen, evenals de voorwaarden van vestiging en verblijf op het gebied van elk harer van onderdanen van de andere partij, te regelen bij verdragen, welke zij zich voorbehouden te sluiten overeenkomstig de regelen van het algemeen internationaal publiek recht op den grondslag eener volkomen wederkeerigheid.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Verdrag van vriendschap tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Turkije· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 2 augustus 1925