Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Verdrag betreffende organisaties van personen die in de landbouw werkzaam zijn en hun rol in de sociaal-economische ontwikkeling· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 26 januari 1978

1. Alle categorieën personen die in de landbouw werkzaam zijn, ongeacht of het werknemers zijn of personen die voor eigen rekening werken, hebben het recht om, zonder toestemming vooraf, organisaties naar eigen keuze op te richten alsmede het recht zich bij die organisaties aan te sluiten, slechts op voorwaarde dat zij zich houden aan de statuten van die organisaties. 2. De beginselen van de vrijheid van vakvereniging moeten ten volle worden geëerbiedigd; de organisaties van personen die in de landbouw werkzaam zijn, moeten onafhankelijk zijn en dienen op vrijwillige basis te zijn opgericht en mogen niet aan enigerlei inmenging, dwang of aan repressieve maatregelen onderworpen zijn. 3. Het verkrijgen van rechtspersoonlijkheid door organisaties van personen die in de landbouw werkzaam zijn, mag niet onderworpen zijn aan voorwaarden die een inbreuk zouden kunnen betekenen op de toepassing van het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel 4. Bij de uitoefening van de rechten die hun door dit artikel worden toegekend, zijn personen die in de landbouw werkzaam zijn en hun onderscheiden organisaties verplicht om, evenals andere georganiseerde personen of groepen, de nationale wetgeving te eerbiedigen. 5. De nationale wetgeving mag de in dit artikel bedoelde waarborgen niet aantasten en mag niet worden toegepast op een wijze waardoor deze zouden kunnen worden aangetast.

Rechtspraak bij dit artikel