**§ 1.** De grenslijn, den Thalweg der Maas verlatende, beneden Stevensweert, wendt zich naar het noordwesten. Dezelve doorsnijdt, in de eerste plaats, een gedeelte van het grondgebied van Stevensweert en van Thorn, en loopt, vervolgens, tot aan de brug de Vrinsenbrug genaamd, in één, met de gemeentegrens van Thorn, Ittervoort en Neer-Itter (Nederlanden), van de eene zijde, en van Kessenich (Belgie), van de andere zijde, terwijl zij nogtans van de Nederlandsche gemeenten eenige stukjes en het terrein Lakenhoff genaamd, ten zuiden van den Itter gelegen, afscheidt.
Bij het punt genaamd Vrinsenbrug, over den Itter gelegen, dringt de grenslijn in de gemeente van Neer-Itter door, en, verder op, in die van Hunsel, en laat, met derzelver grondgebied, de plaatsen genaamd Manestraat en Bomerstraat, als ook die welke Beersel genaamd worden, aan Belgie.
Deze lijn scheidt, vervolgens, deze laatste, van de Nederlandsche gemeente Stamproy, door welke zij dwars heen loopt, ten noorden van derzelver moerassen, en vereenigt zich met de gemeentegrens tusschen Stamproy en Bocholt; en na een klein eind weegs langs de zuidelijke grens der gemeente Weert gegaan te zijn, loopt dezelve, in eene regte lijn, dwars door de moerassen en heidevelden van Bocholt, naar het zuidelijkste punt der provincie Noord-Braband.
(Artikelen 50 tot 68 van het beschrijvend proces-verbaal.)
**§ 2.** Van dit punt af, scheidt de grens, achtereenvolgens, de Nederlandsche gemeenten Budel, Leende, Valkenswaard, en Borkel en Schaft (provincie Noord-Braband), van de Belgische gemeenten Bocholt, Hamont, Achel en Neerpelt (provincie Limburg).
(Artikelen 69 tot 74 van het beschrijvend proces-verbaal.)
**§ 3.** Aan het grondgebied van Bergeijk gekomen, loopt dezelve, in eene regte lijn, daar dwars door heen, doorsnijdt den weg van Hasselt naar 's Hertogenbosch, ter plaatse waar die ook door de oude provinciale grensscheiding wordt doorsneden, loopt, bovendien, altijd in eene regte lijn, dwars door het grondgebied der gemeente Lommel, tot aan de beek genaamd Klaagloop of Elsloop, bij den weg van Neerpelt naar Luiksgestel, alwaar zij de oude provinciale grens herneemt.
(Artikelen 75 en 76 van het beschrijvend proces-verbaal.)
Van daar, tot aan den dijk of weg van Lommel naar Postel, loopt dezelve in één met de gemeente-grensscheiding van Luijksgestel (Nederlanden) en van Lommel (Belgie); vervolgens, langs de noordzijde van genoemden dijk of weg loopende, gaat dezelve dwars door de Nederlandsche gemeenten Luijksgestel en Bergeijk, waarna dezelve de oude grens tusschen deze laatste gemeente en die van Moll (Belgie) volgt, tot aan het punt waar de wegen van Arendonck en van Postel naar Bergeijk inéénloopen; aldaar dringt dezelve in de gemeente Moll, welke zij, in eene regte lijn, dwars door loopt, om de oude provinciale grens, op 437 ellen (mètres) ten zuiden van het oude aanrakingspunt der gemeenten Bladel, Reusel en Moll, te hernemen.
(Artikelen 77 tot 81 van het beschrijvend proces-verbaal.)
**§ 4.** Van dit punt, tot aan het grondgebied der Nederlandsche en Belgische gemeenten Baarle-Nassau en Baarle-Hertog, scheidt de grens, achtervolgens, de Nederlandsche gemeenten Reusel, Hooge- en Lage-Mierde, Hilvarenbeek, Goirle en Alphen (provincie Noord-Braband) af, van de Belgische gemeenten Moll, Arendonck, Welde en Poppel (provincie Antwerpen).
(Artikelen 82 tot 89 van het beschrijvend proces-verbaal.)
**§ 5.** Aan de gezegde gemeenten Baarle-Nassau en Baarle-Hertog, gekomen, is de grens afgebroken, ten gevolge van de onmogelijkheid om dezelve, tusschen deze beide gemeenten, op eene doorloopende wijze daar te stellen, behoudens de bepalingen van artikel 14 van het verdrag van 5 November 1842, luidende als volgt:
„Het statu-quo zal blijven bestaan, zoo wel met opzigt tot de dorpen Baarle-Nassau (Nederlanden) en Baarle-Hertog (Belgie), als ten aanzien van de daardoor loopende wegen.”
De verdeeling van deze gemeenten, tusschen de beide Koningrijken, maakt het onderwerp uit van een bijzonderen arbeid.
(Artikel 90 van het beschrijvend proces-verbaal.)
**§ 6.** De grenslijn begint weder op het aanrakingspunt van de gemeenten Chaam en Meerle met het grondgebied van Baarle-Nassau en Baarle-Hertog, en scheidt, achtervolgens, de Nederlandsche gemeenten Chaam, Ginneken, Rijsbergen Zundert, Rucphen, Roozendaal, Wouw, Huybergen, Putte, Ossendrecht en Woensdrecht (provincie Noord-Braband) af, van de Belgische gemeenten Meerle, Meir, Loenhout, West-Wezel, Calmpthout (1ste gedeelte), Esschen, Calmpthout (2de gedeelte), Capellen, Stabroek, Beirendrecht en Santvliet (provincie Antwerpen), en bereikt den Thalweg der Schelde, welken zij, tegen den loop van deze rivier op, volgt tot aan de ontmoeting eener regte lijn, gaande van het gehucht de Canter genaamd, bij Kieldrecht, tot aan den molen van Hoogerheide, gelegen in Noord-Braband.
(Artikelen 91—112 van het beschrijvend proces-verbaal.)
AFDEELING II › Paragraaf
Artikel 14
Beschrijving der grens.
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de grensscheiding, met Reglement voor het plaatsen van grenspalen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 3 oktober 1843