In geval men nieuwe bedijkingen voor de polders van Saftingen en Nieuw-Aremberg mogt doen, zal de uitwatering der oude en nieuwe polders, ten koste der belanghebbenden, door de schorren worden geleid.
Inmiddels zal de afwatering in eene omgekeerde rigting, in 1805 voor den polder van Saftingen door dien van Kieldrecht, provisioneel toegestaan, in stand blijven.
AFDEELING II
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Overeenkomst tussen Nederland en België tot regeling van de afwatering van Vlaanderen· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 29 augustus 1843