Desgelijks is de vrije scheepvaart op de Aa en de vrije afwatering in dezelve, als een gemeenschappelijke grensstroom, weder gestipuleerd, en in het bijzonder bepaald dat het den Hanoversch-Oostvrieschen onderdanen ook voor het vervolg zal geoorloofd zijn, een vrij afwaterings- en bevaarbaar kanaal aan te leggen, door zoodanig Nederlandsch grondgebied, hetwelk voortaan ten westen der grenslinie in den Dollard tot aan de Aa-stroomen zoude kunnen aanwassen.
Artikel 40
Artikel 40
Onderdeel van Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Hannover· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 24 september 1824