Ofschoon wederzijdsche commissarissen zich zoo veel mogelijk hebben beijverd, bij de regeling der grenzen, de voorkomende zwarigheden uit den weg te ruimen, zoude het echter kunnen gebeuren, dat, bij het stellen der grenssteenen, zich nog eenige zoodanigen opdeden, weshalve bepaald is geworden, dat de leden der beide commissien gemagtigd blijven, alle zoodanige verschillen finaal te beslissen.
Artikel 44
Artikel 44
Onderdeel van Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Hannover· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 24 september 1824