Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 17

Artikel 17

Onderdeel van Verdrag betreffende de burgerlijke rechtsvordering· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 27 april 1909

Geene zekerheidstelling of dépôt, onder welke benaming ook, kan op grond hetzij van hunne hoedanigheid van vreemdelingen, hetzij van gemis van domicilie of verblijfplaats in het land, worden opgelegd aan de onderdanen van een der contracteerende Staten, die in een dier Staten hun domicilie hebben, wanneer zij als eischers of tusschenkomende partijen voor de rechtbanken van een anderen dier Staten optreden. Dezelfde regel is van toepassing op de storting, welke tot dekking der gerechtskosten van eischers of tusschenkomende partijen mocht gevorderd worden. De overeenkomsten, waarbij contracteerende Staten voor hunne onderdanen de vrijstelling der cautio judicatum solvi of der storting wegens proceskosten zonder voorwaarde van domicilie mochten hebben bedongen, blijven van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel