Naar hoofdinhoud

Artikel XIV

Artikel XIV

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Liberia tot regeling der wederzijdse uitlevering van misdadigers· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 30 oktober 1896

De doorvoer over het grondgebied van een der contracteerende Staten van een door een derde Mogendheid aan de andere Partij uitgeleverden persoon, die niet behoort tot het Land door hetwelk de doorvoer plaats heeft, zal worden toegestaan op het eenvoudig vertoon hetzij van het oorspronkelijke, hetzij van een gewaarmerkt afschrift van een der stukken genoemd in artikel XI, mits het feit, waarop de uitlevering gegrond is, in het tegenwoordig verdrag vermeld zij en niet valle onder de uitzonderingsbepalingen, en mits de doorvoer wat het medegeleide betreft, geschiede met medewerking van beambten van het Land dat den doorvoer over zijn grondgebied heeft toegestaan. De kosten van doorvoer zullen komen voor rekening van den Staat, die de uitlevering heeft aangevraagd.

Rechtspraak bij dit artikel