De Regeering der Nederlanden en de Regeering van België verbinden zich, volgens de voorschriften bij de volgende artikelen vastgesteld, met uitzondering hunner onderdanen, wederkeerig aan elkander uit te leveren de personen, welke veroordeeld of beklaagd zijn ter zake van een der feiten hieronder vermeld, wanneer dit gepleegd is op het grondgebied van den Staat die de uitlevering aanvraagt:
aanslag tegen het leven van den Koning, van de regeerende Koningin of van den Regent;
aanslag tegen het leven van de niet-regeerende Koningin, van den vermoedelijken Troonopvolger of van een lid van het Vorstelijk Huis, en aanslag tegen het leven van een Hoofd van een bevrienden Staat;
doodslag of moord, kinderdoodslag of kindermoord;
bedreigingen, schriftelijk en onder eene bepaalde voorwaarde gedaan, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten;
het opzettelijk veroorzaken van de afdrijving der vrucht van eene vrouw door haar zelve of door anderen;
mishandeling, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten;
het dwingen eener vrouw door geweld of bedreiging met geweld om met den schuldige buiten echt vleeschelijke gemeenschap te hebben; het hebben buiten echt van vleeschelijke gemeenschap met eene vrouw van wie de schuldige weet dat zij in staat van bewusteloosheid of onmacht verkeert; vergrijp tegen de zedelijkheid (met geweld of bedreigingen); ontuchtige handelingen met een persoon beneden den leeftijd van 16 jaren;
opwekking van minderjarigen tot het plegen van ontuchtige handelingen en iedere daad welke ten doel heeft de ontucht van minderjarigen te begunstigen, strafbaar volgens de wetten der beide landen;
dubbel huwelijk;
oplichting, wegvoering, verberging, wegmaking of onderschuiving van een kind;
oplichting of wegvoering van minderjarigen;
het namaken of vervalschen van muntspeciën of muntpapier, met het oogmerk om die muntspeciën of dat muntpapier als echt en onvervalscht uit te geven of te doen uitgeven, of het opzettelijk in omloop brengen van valsche of vervalschte muntspeciën of muntpapier;
het namaken of vervalschen van zegels en merken of van meesterteekenen door de wet gevorderd, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten;
valschheid in geschriften en het met opzet gebruik maken van het valsche of vervalschte geschrift, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten; het invoeren uit het buitenland van biljetten eener krachtens wettige verordeningen opgerichte circulatie-bank, met het oogmerk om die als echt en onvervalscht uit te geven, ingeval de dader toen hij die stukken ontving, met de valschheid of vervalsching bekend was, en hij in gemeen overleg met den falsaris of zijne medeplichtigen gehandeld heeft;
valsch getuigenis, omkooping van getuigen, meineed;
omkooping van openbare ambtenaren, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten, knevelarij, verduistering door ambtenaren of daarmede gelijk gestelden;
opzettelijke brandstichting, indien daarvan gemeen gevaar voor goederen of levensgevaar voor een ander te duchten is, brandstichting met het oogmerk om zich of een ander, ten nadeele van den verzekeraar of van den wettigen houder van een bodemerijbrief, wederrechtelijk te bevoordeelen;
opzettelijke en wederrechtelijke vernieling van een gebouw hetwelk in zijn geheel of gedeeltelijk aan een ander toebehoort;
openlijk geweld met vereenigde krachten tegen goederen voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten;
het opzettelijk en wederrechtelijk doen zinken of doen stranden, vernielen, onbruikbaar maken of beschadigen van een schip, indien daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is;
muiterij en verzet van passagiers tegen den schipper en van mindere schepelingen jegens hunne meerderen in rang, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten;
het opzettelijk doen ontstaan van gevaar voor een spoortrein, voor zoover de wetten der beide landen op dien grond uitlevering toelaten;
diefstal;
oplichting;
misbruik van eene handteekening in blanco;
verduistering, misbruik van vertrouwen;
bedriegelijke bankbreuk.
Onder de voorgaande qualificatiën zijn begrepen de poging en de medeplichtigheid, voor zoover zij strafbaar gesteld zijn bij de wetgeving van het land, aan hetwelk de uitlevering gevraagd wordt.
Wanneer het feit, ter zake waarvan de uitlevering wordt aangevraagd, zal zijn gepleegd op het grondgebied van een derden Staat, zal aan die aanvrage gevolg kunnen gegeven worden, indien de wetgeving van den Staat, waaraan de uitlevering is aangevraagd, de vervolging toelaat derzelfde misdrijven buiten zijn grondgebied gepleegd.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België tot regeling der wederkerige uitlevering van misdadigers· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 25 november 1927