ln afwachting van de aanvrage om uitlevering langs diplomatieken weg zal de voorloopige aanhouding van den persoon, wiens uitlevering volgens het tegenwoordige verdrag kan gevraagd worden, kunnen verzocht worden:
van de zijde van Nederland, door elken officier van justitie of door elken rechter van instructie (rechter-commissaris);
van de zijde van het vorstendom Monaco, door den Gouverneur-Generaal, den Advokaat-Generaal of den rechter van instructie.
De voorloopige aanhouding is onderworpen aan de vormen en de regels voorgeschreven door de wetgeving van den Staat, waaraan de uitlevering gevraagd wordt.
Artikel 9
Artikel 9
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Prinsdom Monaco tot wederzijdse uitlevering van misdadigers· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 8 oktober 1894