Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Artikel 13

Onderdeel van Verdrag betreffende de arbeidsovereenkomst van schepelingen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 15 januari 1948

1. Indien de schepeling aan den reeder of zijn vertegenwoordiger bewijst, hetzij dat het hem mogelijk is het gezag over een schip te verkrijgen of een betrekking als stuurman of als machinist of van eenigen anderen hoogeren rang dan hij bekleedt, hetzij dat tengevolge van omstandigheden, die zich na het sluiten der overeenkomst hebben voorgedaan, zijn vertrek voor hem van het hoogste belang is, dan kan hij zijn ontslag vorderen op voorwaarde, dat hij zonder nieuwe kosten voor den reeder zich, ten genoege van den reeder of diens vertegenwoordiger, doet vervangen door een bevoegd persoon. 2. In dat geval heeft de schepeling recht op zijn loon voor den duur van zijn dienst.

Rechtspraak bij dit artikel