**1.** Veilige toegangsmiddelen moeten beschikbaar zijn naar alle vloeren, bordessen en alle andere arbeidsplaatsen.
**2.** Elke ladder moet stevig bevestigd zijn en van een voldoende lengte, om in alle standen, waarin zij gebruikt wordt, een stevige steun voor handen en voeten te bieden.
**3.** Elke plaats waar bouwarbeid verricht wordt en de toegangsmiddelen daartoe, moeten behoorlijk verlicht zijn.
**4.** Doelmatige voorzorgen moeten worden genomen, om gevaren van electrische installaties te voorkomen.
**5.** De materialen, welke zich op het bouwterrein bevinden, mogen niet zodanig opgestapeld of geplaatst zijn, dat zij voor iemand gevaar kunnen opleveren.
DEEL II
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Verdrag betreffende de veiligheidsvoorschriften in het bouwbedrijf· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 2 mei 1951