Het behoort tot de bevoegdheid van iederen Staat in zijn wetgeving te bepalen, wie zijn onderdanen zijn. Deze wetgeving moet door de andere Staten worden erkend, voor zoover zij in overeenstemming is met de internationale verdragen, de internationale gewoonte en de algemeen erkende rechtsbeginselen ter zake van nationaliteit.
HOOFDSTUK I
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verdrag nopens zekere vragen betreffende wetsconflicten inzake nationaliteit· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1937