**1.** Elke staat of regionale organisatie voor economische integratie kan een of meer vrijstellingen van de in Bijlage A en Bijlage B vermelde data van uitfasering, hierna te noemen „vrijstelling”, registreren door het Secretariaat hiervan schriftelijk in kennis te stellen:
op het moment waarop hij of zij partij bij dit Verdrag wordt; of
in het geval van een kwikhoudend product dat door een wijziging in Bijlage A is opgenomen of een productieproces waarbij kwik wordt gebruikt dat door een wijziging is toegevoegd aan Bijlage B, uiterlijk op de datum waarop de betreffende wijziging voor die partij in werking treedt.
Deze registratie gaat vergezeld van een verklaring waarin de partij toelicht waarom vrijstelling nodig is.
**2.** Een vrijstelling kan worden geregistreerd voor een in Bijlage A of B vermelde categorie of voor een subcategorie die door een staat of regionale organisatie voor economische integratie wordt geïdentificeerd.
**3.** Elke partij met een of meer vrijstellingen wordt in een register opgenomen. Het Secretariaat legt het register aan, houdt het bij en stelt het algemeen beschikbaar.
**4.** Het register omvat:
een lijst van de partijen met een of meer vrijstellingen;
de voor elke partij geregistreerde vrijstelling of vrijstellingen; en
de datum waarop elke vrijstelling verstrijkt.
**5.** Tenzij een partij in het register een kortere termijn heeft aangegeven, verstrijken alle vrijstellingen ingevolge het eerste lid vijf jaar na de betreffende datum van uitfasering vermeld in Bijlage A of B.
**6.** De Conferentie van de partijen kan, op verzoek van een partij, beslissen een vrijstelling met vijf jaar te verlengen, tenzij de partij om een kortere termijn verzoekt. Bij haar beslissing houdt de Conferentie van de partijen terdege rekening met het volgende:
een verslag van de partij waarin de noodzaak van verlenging van de vrijstelling wordt onderbouwd en een overzicht wordt gegeven van de ondernomen en geplande activiteiten om de noodzaak voor de vrijstelling zo snel mogelijk weg te nemen;
beschikbare informatie, onder meer ten aanzien van de beschikbaarheid van alternatieve producten en processen die kwikvrij zijn of waarbij minder kwik wordt verbruikt dan bij het vrijgestelde gebruik; en
geplande of reeds in gang gezette activiteiten voor milieuverantwoorde opslag van kwik en verwijdering van kwikafval.
Een vrijstelling kan slechts eenmaal per product met ingang van de datum van uitfasering worden verlengd.
**7.** Een partij kan een vrijstelling te allen tijde intrekken door middel van een schriftelijke kennisgeving aan het Secretariaat.
De intrekking van een vrijstelling wordt van kracht op de datum vermeld in de kennisgeving.
**8.** Niettegenstaande het eerste lid mag geen enkele staat of regionale organisatie voor economische integratie na vijf jaar na de datum van uitfasering van het betreffende in Bijlage A of B vermeld product of proces een vrijstelling laten registreren, tenzij voor een of meer partijen een vrijstelling voor dat product of proces geregistreerd blijft, na ingevolge het zesde lid een verlenging te hebben gekregen. In dat geval kan een staat of regionale organisatie voor economische integratie, op de tijdstippen vervat in het eerste lid, in de onderdelen a en b, een vrijstelling voor dat product of proces laten registreren, die tien jaar na de betreffende datum van uitfasering verstrijkt.
**9.** Voor geen van de partijen mag op enig moment na het verstrijken van tien jaar na de datum van uitfasering een vrijstelling van kracht zijn voor een product of proces vermeld in Bijlage A of B.
Artikel 6
Vrijstellingen die partijen kunnen aanvragen
Onderdeel van Verdrag van Minamata inzake kwik· Agrarisch recht
Deze tekst geldt sinds 16 augustus 2017