**1.** [Betrekkingen tussen de Staten die Partij zijn bij zowel deze Akte als bij de Akte van 1934 of bij die van 1960] De Staten die partij zijn bij zowel deze Akte als bij de Akte van 1934 of bij de Akte van 1960, worden in hun wederzijdse betrekkingen alleen door deze Akte gebonden. Deze Staten zijn echter gehouden in hun wederzijdse betrekkingen de bepalingen van de Akte van 1934 of die van de Akte van 1960 toe te passen, al naargelang het geval, op de tekeningen of modellen van nijverheid die bij het Internationaal Bureau zijn gedeponeerd vóór de datum waarop deze Akte hen in hun wederzijdse betrekkingen bindt.
**2.** [Betrekkingen tussen de Staten die Partij zijn bij zowel deze Akte als bij de Akte van 1934 of bij die van 1960 en de Staten die Partij zijn bij de Akte van 1934 of bij die van 1960 en geen Partij zijn bij deze Akte]
Elke Staat die partij is bij zowel deze Akte als bij de Akte van 1934 is gehouden de bepalingen van de Akte van 1934 toe te passen in zijn betrekkingen tot de Staten die partij zijn bij de Akte van 1934 zonder tegelijkertijd partij te zijn bij de Akte van 1960 of bij deze Akte.
Elke Staat die partij is bij zowel deze Akte als bij de Akte van 1960, is gehouden de bepalingen van de Akte van 1960 toe te passen in zijn betrekkingen tot de Staten die partij zijn bij de Akte van 1960 zonder tegelijkertijd partij te zijn bij deze Akte.
HOOFDSTUK IV
Artikel 31
Toepasselijkheid van de Akten van 1934 en 1960
Onderdeel van Akte van Genève bij de Overeenkomst van 's-Gravenhage betreffende de internationale inschrijving van tekeningen of modellen van nijverheid· Intellectuele eigendom
Deze tekst geldt sinds 18 december 2018