Naar hoofdinhoud

DEEL I

Artikel 6

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de directeur

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Noorwegen inzake het gebruik van een penitentiaire inrichting in Nederland voor de tenuitvoerlegging van bij Noorse vonnissen opgelegde vrijheidsstraffen· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 1 september 2015

1. De directeur heeft de algemene leiding over de penitentiaire inrichting. 2. De directeur is binnen de penitentiaire inrichting verantwoordelijk voor de juiste wijze van tenuitvoerlegging van de Noorse vonnissen, het handhaven van de orde en de veiligheid en de behandeling van de gedetineerden conform de Wet op de tenuitvoerlegging van vonnissen (straffegjennomføringsloven) van de zendstaat. Hij maakt daarvoor gebruik van het hem door de aangewezen autoriteit van de ontvangststaat ter beschikking gestelde personeel. 3. De directeur is in overeenstemming met het tweede lid verantwoordelijk voor het gebruik van rechtstreekse dwang jegens gedetineerden, met inbegrip van vrijheidsbeperkende middelen, met het oog op de handhaving van de orde en veiligheid in de penitentiaire inrichting of omwille van de veiligheid en het voorkomen van ontvluchting, waarbij wordt gezorgd voor de naleving van de regeling Geweldsinstructie penitentiaire inrichtingen van de ontvangststaat. 4. Onder het gezag en de verantwoordelijkheid van de directeur geschiedt het beheer van de penitentiaire inrichting door de beheersfunctionaris.

Rechtspraak bij dit artikel