Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Artikel 7

Onderdeel van Internationale Overeenkomst tot bescherming der onderzeese telegraafkabels, met additioneel artikel· Informatierecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 1888

De eigenaars van schepen of vaartuigen, die kunnen bewijzen dat zij een anker, een net of eenig ander tuig ten gebruike van de visscherij hebben opgeofferd, ten einde een onderzeeschen kabel niet te beschadigen, moeten door den eigenaar van den kabel schadeloos worden gesteld. Om op eene dergelijke schadeloosstelling aanspraak te hebben, moet, zooveel mogelijk onmiddellijk na het voorval, een proces-verbaal tot staving daarvan worden opgemaakt, gesteund door de getuigenis van de bemanning, en moet de kapitein van het schip, binnen 24 uren na aankomst in de eerste haven van terugkeer of verblijf, zijne verklaring ten overstaan der bevoegde overheid afleggen. Deze geeft daarvan kennis aan de consulaire overheid van den Staat, waartoe de eigenaar van den kabel behoort.

Rechtspraak bij dit artikel