Indien in het vervolg de Nederlandsche Regering het nuttig mogt oordeelen werken uit te voeren of te laten uitvoeren, waardoor eene vermeerdering van de hoeveelheid te Maastricht aan de Maas af te tappen water, zoo als die in het tegenwoordig tractaat is vastgesteld, noodig mogt worden, zal de medewerking van de Belgische Regering tot de vereischte maatregelen, om de afstrooming van het water door de Zuidwillemsvaart te verzekeren, tusschen de beide Regeringen worden geregeld.
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Tractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België tot regeling der wateraftappingen uit de Maas· Ruimtelijke ordening en milieu
Deze tekst geldt sinds 14 juli 1863