**1.** Alle in de artikelen 21, 23 en 24 van dit Verdrag bedoelde personen, die door de griffier of een door hem of haar aangewezen functionaris als zodanig aan het gastland zijn bekendgemaakt, hebben recht op onbelemmerde binnenkomst in, vertrek uit en, met inachtneming van het derde lid van dit artikel, verplaatsing binnen het gastland, wanneer van toepassing en ten behoeve van het Mechanisme.
**2.** Visa, waar deze vereist zijn, worden kosteloos en zo spoedig mogelijk afgegeven. Dezelfde faciliteiten worden toegekend aan personen die getuigen begeleiden en die door de griffier of een door hem of haar aangewezen functionaris als zodanig zijn bekendgemaakt aan het gastland.
**3.** Het gastland kan aan de visa de voorwaarden of beperkingen verbinden die noodzakelijk zijn om schendingen van zijn openbare orde te voorkomen of de veiligheid van de betrokken persoon te beschermen. Alvorens het derde lid van dit artikel toe te passen vraagt het gastland het Mechanisme om zijn zienswijze.
**4.** Het gastland faciliteert, voor zover nodig, de binnenkomst in, het vertrek uit en verplaatsing binnen het gastland voor personen die worden verdacht of beschuldigd van minachting van het hof en tegen wie geen bevel tot aanhouding is uitgevaardigd op het moment waarop de persoon het gastland binnenkomt, mits rekening wordt gehouden met de belangen van de openbare orde en veiligheid in het gastland.
DEEL V › AFDELING 2
Artikel 31
Visa voor getuigen, stagiairs en overige personen wier aanwezigheid op de zetel van het Mechanisme vereist is
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Naties betreffende de zetel van het Internationaal Restmechanisme voor Straftribunalen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 september 2016