Naar hoofdinhoud
(1). De Bondsrepubliek Duitsland verleent ten behoeve van de mijnwerken in het verdragsgebied de navolgende faciliteiten: Goederen, bestemd voor de inrichting of de exploitatie van de ondergrondse mijnwerken, in het bijzonder bouwmaterialen, mijnhout, stalen stutmateriaal, rails, buizen, leidingen, machines, werktuigen, onderdelen, smeermiddelen en vulmateriaal, mogen vrij van in- en uitvoerrechten, alsmede van in- en uitvoerverboden en -beperkingen zowel door schachten, welke op Nederlands gebied zijn gelegen, als door schachten in het verdragsgebied naar het in laatstgenoemd gebied gelegen ondergrondse deel van het mijnbedrijf gebracht en vandaar teruggevoerd worden. Deze goederen zijn ondergronds niet aan douanecontrôle onderworpen. Goederen, bestemd voor gebruik in de bovengrondse mijnwerken mogen vrij van in- en uitvoerrechten en vrij van in- en uitvoerverboden en -beperkingen alsmede zonder zekerheidsstelling tijdelijk in het verdragsgebied ingevoerd en van daar weder uitgevoerd worden. Goederen, bestemd voor gebruik in de bovengrondse mijnwerken, zijn evenwel aan de Duitse in- en uitvoerverboden en -beperkingen, alsmede aan de Duitse douanevoorschriften onderworpen. De in het verdragsgebied gewonnen kolen kunnen door de Nederlandse mijnonderneming vrij van uitvoerrechten en van uitvoerverboden en -beperkingen naar Nederland worden uitgevoerd; voor deze kolen zijn de bepalingen inzake de vergoeding bij uitvoer („Ausfuhrvergütung”) niet van toepassing. De aan- en afvoer van stroom, perslucht, gas en water via de bedrijfsleidingen van de Nederlandse mijnonderneming naar en van de in het verdragsgebied gelegen mijnwerken, zowel onder- als bovengronds, zijn vrij van in- en uitvoerrechten en zijn aan generlei verboden of beperkingen onderworpen. (2). Het bepaalde in lid (1) sluit de mogelijkheid niet uit om voor bijzondere, door de Duitse douanedienst bewezen diensten een vergoeding te heffen. (3). De Duitse douanedienst kan voorzorgen op douanegebied treffen, teneinde te voorkomen dat van de ingevolge lid (1) vrij van rechten in- of teruggevoerde goederen een ongeoorloofd gebruik wordt gemaakt. Zij1)Lees: hij. zal bij het uitvaardigen van haar2)Lees: zijn. voorschriften inzake het uit te oefenen toezicht zoveel mogelijk rekening houden met het wederzijds belang bij een vlotte afwikkeling van het grensoverschrijdend verkeer naar en van de mijnwerken. (4). In het kader van hun bevoegdheid verlenen de autoriteiten der beide verdragsstaten elkander bijstand bij de uitvoering van dit artikel, in het bijzonder om strafbare handelingen te voorkomen of op te sporen.

Rechtspraak bij dit artikel