Naar hoofdinhoud
(1). Voor de mijnbouw in het verdragsgebied wordt, onafhankelijk van de Nederlands-Duitse rijksgrens, een ontginningsgrens overeengekomen. Deze wordt aan de oppervlakte gevormd door de verbindingslijnen der punten 33, 34, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 35 en is op bijgaande kaart met rood aangegeven. (2). Aan beide zijden van de ontginningsgrens moet een grensmuur van 10 meter dikte — rechthoekig op die grens gemeten — onontgonnen blijven. Het doorbreken, versmallen of ontginnen van deze grensmuur is slechts met toestemming van het bevoegde Toezicht op de mijnen geoorloofd. De toestemming mag slechts worden verleend, nadat het Toezicht op de mijnen van het andere land zich daarmede heeft verenigd.

Rechtspraak bij dit artikel