Ten einde alle geschillen te voorkomen over bestaande rechten in verband met of met betrekking tot bestaande rechtstitels op onroerende goederen gelegen op het grondgebied van de Chineesche Republiek, en in het bezit van Nederlandsche onderdanen of ondernemingen, of van het Koninkrijk der Nederlanden, in het bijzonder geschillen, die mochten voortspruiten uit het buitenwerking stellen van verdragen of overeenkomsten, als bepaald in artikel II, wordt overeengekomen, dat dergelijke bestaande rechten of rechtstitels onaantastbaar zullen zijn en op geen andere gronden zullen worden betwist dan van bewijs, behoorlijk in rechten geleverd, van bedrog, of van bedriegelijke of andere oneerlijke practijken bij de verkrijging van dergelijke rechten of rechtstitels, met dien verstande, dat geen enkel recht of rechtstitel ongeldig verklaard zal worden uit hoofde van eenige latere wijziging in de officieele procedure door welke hetzelve werd verkregen.
Voorts wordt overeengekomen, dat deze rechten of rechtstitels onderworpen zullen zijn aan de wetten en verordeningen van de Chineesche Republiek voor wat betreft belasting, nationale verdediging en souvereine macht; en dat dergelijke rechten en rechtstitels niet mogen worden vervreemd aan de Regeering of onderdanen van een derde mogendheid zonder uitdrukkelijke toestemming van de Regeering van de Chineesche Republiek.
Voorts wordt overeengekomen, dat, indien de Regeering van de Chineesche Republiek het wenschelijk mocht achten om bestaande erfpachten of andere schriftelijke bewijsstukken met betrekking tot onroerende goederen in bezit van Nederlandsche onderdanen of ondernemingen, of van het Koninkrijk der Nederlanden, te vervangen door nieuwe eigendomsacten, de vervanging door de Chineesche autoriteiten geheel kosteloos zal geschieden en dat de nieuwe eigendomsacten de houders van dergelijke pachten of andere schriftelijke bewijsstukken en hun wettige erfgenamen en rechtverkrijgenden volledig zullen beschermen, onverminderd hun vroegere rechten en belangen, met inbegrip van het recht van vervreemding.
Voorts wordt overeengekomen, dat Nederlandsche onderdanen of ondernemingen door de Chineesche autoriteiten niet zullen worden verplicht of verzocht om eenige rechten te betalen in verband met overdracht van grond voor of met betrekking tot eenige periode voorafgaande aan den datum van de inwerkingtreding van dit Verdrag.
Artikel V
Artikel V
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Chinese Republiek nopens opheffing van exterritoriale rechten in China en regeling van aanverwante zaken· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 5 december 1945