Naar hoofdinhoud
1. Het Koninkrijk Denemarken, Ierland, het Koninkrijk Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland worden lid van de Europese Economische Gemeenschap en van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en worden Partij bij de Verdragen tot oprichting van deze Gemeenschappen, zoals deze Verdragen zijn gewijzigd of aangevuld. 2. De voorwaarden voor de toelating en de daaruit voortvloeiende aanpassingen van de Verdragen tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap en van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie zijn neergelegd in de bij dit Verdrag gevoegde Akte . De bepalingen van deze Akte die betrekking hebben op de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie maken een integrerend deel van dit Verdrag uit. 3. De in de in lid 1 genoemde Verdragen voorkomende bepalingen betreffende de rechten en verplichtingen van de Lid-Staten alsmede de algemene en bijzondere bevoegdheden van de Instellingen van de Gemeenschappen, zijn van toepassing ten aanzien van dit Verdrag.

Rechtspraak bij dit artikel