Om aanspraak te kunnen maken op de voordelen uit hoofde van dit Verdrag dienen de coproducenten gezamenlijk eigenaar te zijn van de materiële onderdelen van de film, met inbegrip van de filmmaster, en alle overige bronmaterialen van de gecoproduceerde film. Voorts heeft iedere coproducent het recht kopieën van de gecoproduceerde film te maken voor exploitatie in zijn eigen land. Het filmmateriaal wordt bewaard op een door de coproducenten onderling overeen te komen locatie die voor ieder van hen toegankelijk is.
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Gemeenschap van België betreffende de coproductie van films· Cultureel recht