Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Vrijstelling van douanerechten en andere rechten

Onderdeel van Luchtvaartverdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Curaçao, en de Federale Regering van Oostenrijk· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2017

1. Luchtvaartuigen die door de aangewezen luchtvaartmaatschappij(en) van beide verdragsluitende partijen voor internationale luchtdiensten worden gebruikt, alsmede hun normale uitrustingsstukken, voorraden brandstof en smeermiddelen en proviand (waaronder etenswaren, dranken en tabak) aan boord van deze luchtvaartuigen, zijn vrijgesteld van alle douanerechten, inspectiekosten en andere rechten of belastingen bij aankomst op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij, mits deze uitrustingsstukken en voorraden aan boord van het luchtvaartuig blijven totdat zij weer worden uitgevoerd. 2. Van deze rechten en belastingen, uitgezonderd heffingen in verband met verleende diensten, zijn voorts vrijgesteld: proviand aan boord genomen op het grondgebied van een van de verdragsluitende partijen, binnen de grenzen die door de betreffende autoriteiten van genoemde verdragsluitende partij zijn vastgesteld, en bestemd voor gebruik aan boord van luchtvaartuigen op een omschreven route van de andere verdragsluitende partij; reserveonderdelen die het grondgebied van een van de verdragsluitende partijen worden binnengebracht voor het onderhoud of herstel van luchtvaartuigen gebruikt op een omschreven route door de aangewezen luchtvaartmaatschappij(en) van de andere verdragsluitende partij; brandstof en smeermiddelen bestemd ter bevoorrading van luchtvaartuigen gebruikt op een omschreven route door de aangewezen luchtvaartmaatschappij(en) van de andere verdragsluitende partij, zelfs indien deze voorraden worden gebruikt op het deel van de vlucht boven het grondgebied van verdragsluitende partij waar zij aan boord zijn genomen. Ten aanzien van de in de onderdelen a, b en c van dit lid genoemde materialen kan worden verlangd dat deze onder toezicht of beheer van de douane blijven. 3. Normale boorduitrustingsstukken alsmede de materialen en voorraden die aan boord van het luchtvaartuig van een van de verdragsluitende partijen blijven, mogen op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij slechts worden uitgeladen met toestemming van de douaneautoriteiten van die verdragsluitende partij. In een dergelijk geval kunnen deze goederen onder toezicht van genoemde autoriteiten worden geplaatst tot het tijdstip waarop ze weer worden uitgevoerd of overeenkomstig de douanevoorschriften een andere bestemming hebben gekregen.

Rechtspraak bij dit artikel