**1.** Indien de partij waartegen de klacht is gericht niet voor afloop van de redelijke termijn kennis geeft van een maatregel die zij heeft getroffen om het eindverslag van het arbitragepanel na te leven, of indien het arbitragepanel oordeelt dat er geen maatregel is getroffen om aan het eindverslag te voldoen of dat de maatregel waarvan overeenkomstig artikel 185, lid 1, kennis is gegeven, niet verenigbaar is met de verplichtingen van de partij krachtens de bepalingen waarnaar wordt verwezen in artikel 173, biedt de partij waartegen de klacht is gericht de klagende partij, op verzoek van en na overleg met deze laatste, een compensatie aan.
**2.** Indien de klagende partij besluit niet om een aanbod voor compensatie als bedoeld in lid 1 van dit artikel te verzoeken of, wanneer zij wel daarom verzoekt maar de partijen geen akkoord over compensatie bereiken binnen 30 dagen na afloop van de redelijke termijn of de kennisgeving van het in artikel 185, lid 2, bedoelde verslag van het arbitragepanel, is de klagende partij gerechtigd om, na de andere partij en het Samenwerkingscomité hiervan in kennis te hebben gesteld, passende maatregelen te treffen in een mate die overeenstemt met de mate waarin de schending de voordelen voor de klagende partij teniet doet of uitholt26)Het begrip „tenietdoening en uitholling” wordt op dezelfde manier uitgelegd als in het WTO-memorandum van overeenstemming inzake de regels en procedures betreffende de beslechting van geschillen.. In de kennisgeving moeten dergelijke maatregelen worden gespecificeerd. De klagende partij kan vanaf tien dagen na de datum van ontvangst van de kennisgeving door de partij waartegen de klacht is gericht, dergelijke maatregelen toepassen, tenzij de partij waartegen de klacht is gericht overeenkomstig lid 3 van dit artikel om arbitrage heeft verzocht.
**3.** Indien de partij waartegen de klacht is gericht, van oordeel is dat de passende maatregelen niet overeenstemmen met de mate waarin de schending van haar verplichtingen uit hoofde van de bepalingen waarnaar wordt verwezen in artikel 173, de voordelen voor de klagende partij teniet doet of uitholt, kan de partij waartegen de klacht is gericht, het oorspronkelijke arbitragepanel schriftelijk verzoeken hierover uitspraak te doen. Dit verzoek wordt voor het verstrijken van de in lid 2 van dit artikel bedoelde periode van tien dagen meegedeeld aan de klagende partij en aan het Samenwerkingscomité. Uiterlijk 30 dagen na ontvangst van het verzoek legt het oorspronkelijke arbitragepanel zijn verslag over de passende maatregelen van de klagende partij voor aan de partijen en aan het Samenwerkingscomité. De klagende partij legt de maatregelen niet ten uitvoer voordat het oorspronkelijke arbitragepanel zijn verslag heeft voorgelegd. Maatregelen die na voorlegging van het rapport ten uitvoer worden gelegd, moeten in overeenstemming zijn met het verslag van het arbitragepanel.
**4.** Dergelijke door de klagende partij toegepaste maatregelen en de in dit artikel bedoelde compensatie zijn van tijdelijke aard en mogen niet meer worden toegepast nadat:
de partijen ingevolge artikel 191 tot een onderling overeengekomen oplossing zijn gekomen;
de partijen zijn overeengekomen dat de maatregel waarvan overeenkomstig artikel 185, lid 1, is kennis gegeven, ertoe leidt dat de partij waartegen de klacht is gericht, in overeenstemming is met de bepalingen waarnaar wordt verwezen in artikel 173; of
de maatregel waarvan het arbitragepanel overeenkomstig artikel 185, lid 2, heeft vastgesteld dat deze niet in overeenstemming is met de bepalingen waarnaar wordt verwezen in artikel 173, is ingetrokken of gewijzigd zodat de maatregel met die bepalingen in overeenstemming is gebracht.
TITEL III › HOOFDSTUK 14 › AFDELING 3 › ONDERAFDELING 2
Artikel 186
Tijdelijke maatregelen bij niet-naleving
Onderdeel van Versterkte Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kazachstan, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 maart 2020