Naar hoofdinhoud

TITEL III › HOOFDSTUK 5 › AFDELING 4

Artikel 53

Vergunnings- en kwalificatieprocedures

Onderdeel van Versterkte Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Kazachstan, anderzijds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 maart 2020

1. Elke partij ziet erop toe dat de vergunnings- en kwalificatieprocedures voor het verkrijgen van een vergunning voor het verlenen van een dienst of voor vestiging redelijk, duidelijk en relevant voor de onderliggende beleidsdoelstellingen zijn, waarbij rekening wordt gehouden met de aard van de eisen waaraan moet worden voldaan en de beoordelingscriteria, en dat deze op zichzelf geen beperking vormen voor het verlenen van diensten of vestiging. 2. Wanneer voor aanvragen specifieke termijnen bestaan, moet een aanvrager over een redelijke termijn beschikken voor het indienen van een aanvraag. De bevoegde autoriteit behandelt een aanvraag zonder onnodige vertraging. Waar mogelijk dienen aanvragen in elektronische vorm te worden geaccepteerd onder dezelfde voorwaarden inzake echtheid als aanvragen op papier. 3. Waar mogelijk dienen in plaats van originele documenten gewaarmerkte kopieën te worden aanvaard. 4. Elke partij ziet erop toe dat de behandeling van een aanvraag, inclusief het definitieve besluit, wordt voltooid binnen een in de wet vastgestelde redelijke termijn, of in ieder geval zonder onnodige vertraging. Elke partij streeft ernaar voor het behandelen van een aanvraag het normale tijdsbestek vast te stellen. Elke partij zorgt ervoor dat zodra een vergunning of licentie is verleend, deze overeenkomstig de daarin gestelde voorwaarden zonder onnodige vertraging in werking treedt. 5. Elke partij ziet erop toe dat de vergoeding die moet worden betaald voor een vergunning14)Vergoedingen voor het verlenen van vergunningen mogen geen vergoedingen voor het gebruik van natuurlijke hulpbronnen omvatten, noch betalingen in verband met veiling, aanbesteding of andere niet-discriminerende middelen om concessies te verlenen, noch verplichte bijdragen voor het verlenen van een universele dienst., redelijk is ten opzichte van de kosten die de bevoegde autoriteit moet maken en op zichzelf geen beperking vormt voor het verlenen van diensten of vestiging. 6. Wanneer de bevoegde autoriteit van oordeel is dat een aanvraag onvolledig is of dat aanvullende informatie nodig is, doet zij het volgende, binnen een redelijke termijn: de aanvrager informeren; zoveel mogelijk beschrijven welke informatie nodig is; en zoveel mogelijk de kans bieden om tekortkomingen te verhelpen. 7. Als de bevoegde autoriteit een aanvraag weigert, stelt zij de aanvrager daarvan zonder onnodige vertraging in kennis, liefst schriftelijk. De bevoegde autoriteit dient de aanvrager op verzoek te informeren over de reden van weigering en, waar mogelijk, over de eventuele tekortkomingen die zijn geconstateerd. Zij dient de aanvrager te informeren over de procedures om beroep aan te tekenen, overeenkomstig de relevante wetgeving. De bevoegde autoriteit dient een aanvrager toe te staan een nieuwe aanvraag in te dienen volgens de vastgestelde procedures van de bevoegde autoriteit, behalve als zij het aantal vergunningen of kwalificatiecertificaten beperkt. 8. Elke partij zorgt ervoor dat de procedures die de bevoegde autoriteit volgt bij het verlenen van licenties of vergunningen, en haar besluiten, onpartijdig zijn ten aanzien van alle aanvragers. De bevoegde autoriteit dient bij haar besluitvorming onafhankelijk te zijn en geen verantwoordingsplicht te hebben jegens dienstverleners of investeerders waarvoor de licentie of vergunning vereist is.

Rechtspraak bij dit artikel