Naar hoofdinhoud
1. Elke partij kan een wijziging van dit Verdrag voorstellen door deze in te dienen bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties. De Secretaris-Generaal deelt de voorgestelde wijziging vervolgens mede aan de partijen bij dit Verdrag met het verzoek aan te geven of zij een conferentie van de partijen verlangen teneinde voorstellen te bestuderen en in stemming te brengen. Indien binnen vier maanden na de datum van deze mededeling ten minste een derde van de partijen een dergelijke conferentie verlangt, roept de Secretaris-Generaal de conferentie onder auspiciën van de Verenigde Naties bijeen. 2. De conferentie van de partijen stelt alles in het werk om consensus te bereiken over elke wijziging. Indien alle pogingen om consensus te bereiken zijn mislukt en er geen overeenstemming wordt bereikt, wordt de wijziging in laatste instantie aangenomen met een tweederdemeerderheid van de partijen die aanwezig zijn en hun stem uitbrengen tijdens de conferentie. 3. Een aangenomen wijziging wordt door de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties ter bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring voorgelegd aan alle partijen. 4. Een aangenomen wijziging treedt in werking zes maanden na de datum van de nederlegging van de derde akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring. Wanneer een wijziging van kracht wordt, is zij bindend voor de partijen die het feit dat zij ermee instemmen erdoor gebonden te worden tot uitdrukking hebben gebracht. 5. Indien een staat of regionale organisatie voor economische integratie een wijziging bekrachtigt, aanvaardt of goedkeurt die reeds in werking is getreden, treedt de wijziging ten aanzien van die staat of regionale organisatie voor economische integratie zes maanden na de datum van indiening van zijn of haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring in werking. 6. Elke staat of regionale organisatie voor economische integratie die na de inwerkingtreding van de wijziging partij wordt bij het Verdrag wordt geacht partij te zijn bij het Verdrag zoals gewijzigd.

Rechtspraak bij dit artikel