Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Veiligheid, beveiliging en gastvrijheid in sportstadions

Onderdeel van Verdrag van de Raad van Europa inzake een integrale benadering van veiligheid en gastvrijheid bij voetbalwedstrijden en andere sportevenementen· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 april 2020

1. De partijen waarborgen dat in nationale wettelijke, regelgevende of bestuursrechtelijke kaders van organisatoren van evenementen verlangd wordt dat zij, in overleg met alle partnerinstanties, een veilige en beveiligde omgeving bieden aan alle deelnemers en toeschouwers. 2. De partijen waarborgen dat de bevoegde publieke autoriteiten regelgeving of regelingen in het leven roepen om de doelmatigheid van procedures voor het verlenen van vergunningen aan stadions, certificeringsregelingen en veiligheidsvoorschriften in het algemeen te waarborgen alsmede de toepassing, monitoring en handhaving daarvan. 3. De partijen verlangen van de relevante instanties dat zij waarborgen dat het ontwerp en de infrastructuur van stadions en de daarmee samenhangende regelingen voor crowd management voldoen aan nationale en internationale normen en goede praktijken. 4. De partijen moedigen de relevante instanties aan te waarborgen dat stadions zorgen voor een inclusieve en gastvrije omgeving voor alle geledingen van de maatschappij, met inbegrip van kinderen, ouderen en personen met een handicap, en daarbij met name zorgen voor de aanwezigheid van passende sanitaire voorzieningen en mogelijkheden om iets te eten of te drinken en een goed zicht voor alle toeschouwers. 5. De partijen waarborgen dat stadions uitgebreide operationele procedures kennen, waaronder een effectieve liaison met de politie, hulpdiensten en partnerinstanties en duidelijk beleid en heldere procedures wat betreft zaken die van invloed kunnen zijn op crowd management en daarmee samenhangende veiligheids- en beveiligingsrisico’s, in het bijzonder: het gebruik van pyrotechniek; gewelddadig gedrag of andere gedragingen die verboden zijn; en racistisch of ander discriminatoir gedrag. 6. De partijen verlangen van de relevante instanties dat zij waarborgen dat alle medewerkers, uit de publieke of private sector, die zorgen voor veilige en gastvrije voetbalwedstrijden en andere sportevenementen de uitrusting en training hebben om hun taken doeltreffend en op de juiste wijze te vervullen. 7. De partijen moedigen hun bevoegde instanties aan om te wijzen op de noodzaak voor spelers, coaches of andere vertegenwoordigers van de deelnemende teams om te handelen in overeenstemming met belangrijke beginselen in de sport, zoals tolerantie, respect en fair play, en te erkennen dat gewelddadig, racistisch of ander provocatief gedrag een negatieve invloed kan hebben op het gedrag van toeschouwers.

Rechtspraak bij dit artikel