Naar hoofdinhoud

TITEL II

Artikel 11

Samenwerking ter bestrijding van terrorisme

Onderdeel van Partnerschapsovereenkomst op het gebied van betrekkingen en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Nieuw-Zeeland, anderzijds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 21 juli 2022

1. De partijen bevestigen opnieuw het belang van terrorismebestrijding, met volledige naleving van de rechtsstaat, het internationale recht, met name het VN-Handvest en de relevante resoluties van de VN-Veiligheidsraad, het recht inzake de de mensenrechten, het vluchtelingenrecht en het internationale humanitaire recht. 2. Binnen dit kader en rekening houdend met de mondiale strategie voor terrorismebestrijding van de VN, vervat in Resolutie 60/288 van de Algemene Vergadering van de VN van 8 september 2006, komen de partijen overeen samen te werken voor de preventie en bestrijding van terrorisme, met name: in het kader van de volledige uitvoering van de resoluties 1267, 1373 en 1540 van de VN-Veiligheidsraad en andere relevante VN-resoluties en internationale instrumenten; door informatie uit te wisselen over terroristische groeperingen en de hen ondersteunende netwerken, overeenkomstig het toepasselijk nationaal en internationaal recht; door van gedachten te wisselen over: middelen en methoden voor het bestrijden van terrorisme, onder meer op technisch gebied en met betrekking tot training; terrorismepreventie; en beste praktijken betreffende de bescherming van de mensenrechten in het kader van de strijd tegen het terrorisme; door samen te werken om de internationale consensus over de strijd tegen terrorisme en het normatieve kader daarvoor te vergroten en zo spoedig mogelijk toe te werken naar overeenstemming over het alomvattend verdrag inzake internationaal terrorisme, ter aanvulling op de bestaande VN-instrumenten voor de bestrijding van terrorisme; en door de samenwerking tussen de VN-lidstaten te bevorderen om de mondiale VN-strategie voor terrorismebestrijding met alle passende middelen doeltreffend ten uitvoer te leggen. 3. De partijen bevestigen opnieuw hun engagement ten aanzien van de internationale normen die zijn vastgesteld door de Financial Action Task Force (FATF) voor de bestrijding van de financiering van terrorisme. 4. De partijen bevestigen opnieuw hun engagement om samen te werken om steun voor capaciteitsopbouw inzake terrorismebestrijding aan andere staten te verstrekken die middelen en expertise behoeven om terroristische activiteiten te voorkomen en er op te reageren, onder meer in het kader van het mondiaal terrorismebestrijdingsforum (Global Counter-Terrorism Forum – GCTF).

Rechtspraak bij dit artikel