**1.** De partijen komen overeen de samenwerking te bevorderen in de culturele en creatieve sectoren, ter verbetering van, onder andere, het wederzijds begrip en de kennis van elkaars cultuur.
**2.** De partijen streven ernaar om passende maatregelen te nemen om culturele uitwisselingen te stimuleren en gemeenschappelijke culturele initiatieven uit te voeren, in het kader van de bestaande samenwerkingsinstrumenten en -kaders.
**3.** De partijen streven ernaar om de mobiliteit van culturele werkers, kunstwerken en andere cultuurgoederen tussen Nieuw-Zeeland en de Unie en haar lidstaten te bevorderen.
**4.** De partijen komen overeen, in het kader van een beleidsdialoog, te onderzoeken op welke wijze cultuurgoederen die zich in het buitenland bevinden, toegankelijk kunnen worden gemaakt voor de gemeenschappen waarvan die cultuurgoederen afkomstig zijn.
**5.** De partijen bevorderen de interculturele dialoog tussen de maatschappelijke organisaties en individuele personen van beide partijen.
**6.** De partijen komen overeen samen te werken, met name via een beleidsdialoog, in relevante internationale fora, zoals de VN-Organisatie voor onderwijs, wetenschap en cultuur (Unesco), teneinde gemeenschappelijke doeleinden na te streven en culturele diversiteit te bevorderen, onder meer met inachtneming van het Unesco-Verdrag betreffende de bescherming en de bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen.
**7.** De partijen stimuleren, ondersteunen en vergemakkelijken de uitwisseling, samenwerking en dialoog tussen instellingen en actoren op het gebied van de audiovisuele sector en de media.
TITEL VII
Artikel 41
Samenwerking op het gebied van cultuur, de audiovisuele sector en de media
Onderdeel van Partnerschapsovereenkomst op het gebied van betrekkingen en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Nieuw-Zeeland, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 21 juli 2022