Naar hoofdinhoud

DEEL III › TITEL II

Artikel 22

Democratie en mensenrechten

Onderdeel van Overeenkomst inzake politieke dialoog en samenwerking tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek Cuba, anderzijds· Internationaal publiekrecht

1. In de wetenschap dat regeringen primair verantwoordelijk zijn voor de bescherming en de bevordering van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden, met oog voor het belang van nationale en regionale eigenheden en diverse historische, culturele en religieuze achtergronden, en rekening houdend met de verplichting om alle mensenrechten en fundamentele vrijheden te beschermen ongeacht de politieke, economische en culturele systemen, komen de partijen overeen samen te werken op het gebied van democratie en de mensenrechten. 2. De partijen erkennen dat democratie is gebaseerd op de vrij geuite wil van de burgers om zelf hun politieke, economische, sociale en culturele systemen en hun volle deelname aan alle aspecten van het leven te bepalen. 3. De partijen komen overeen samen te werken voor een versterking van de democratie en hun capaciteit om de beginselen en praktijken van de democratie en de mensenrechten, met inbegrip van de rechten van minderheden, ten uitvoer te leggen. 4. De samenwerking kan onder meer activiteiten omvatten die door de partijen gezamenlijk worden overeengekomen, met als doel: respect en handhaving van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en bevordering en bescherming van burgerrechten, politieke, economische, sociale en culturele rechten voor iedereen; wereldwijde aanpak van de mensenrechten op een billijke en eerlijke manier, op gelijke voet en met dezelfde nadruk, waarbij wordt erkend dat alle mensenrechten universeel, ondeelbaar en onderling afhankelijk en gerelateerd zijn; doeltreffende uitvoering van de internationale mensenrechteninstrumenten en facultatieve protocollen die toepasselijk zijn voor elke partij, alsook van de aanbevelingen die uitgaan van de mensenrechtenorganen van de Verenigde Naties en die door de partijen worden aanvaard; integratie van de bevordering en bescherming van mensenrechten in nationale beleidslijnen en ontwikkelingsplannen; bevordering van voorlichting en onderwijs op het vlak van mensenrechten, democratie en vrede; versterking van de democratische en aan mensenrechten gerelateerde instellingen, alsmede de wettelijke en institutionele kaders voor de bevordering en bescherming van mensenrechten; ontwikkeling van gezamenlijke initiatieven van wederzijds belang in het kader van relevante multilaterale fora.

Rechtspraak bij dit artikel