Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK NEGENTIEN

Artikel 19.17

Interne toetsingsprocedures

Onderdeel van Brede Economische en Handelsovereenkomst tussen Canada, enerzijds, en de Europese Unie en haar lidstaten, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Elke partij voorziet in een snelle, doeltreffende, transparante en niet-discriminerende procedure voor administratieve of rechterlijke toetsing, waarmee een aanbieder bezwaar of beroep kan instellen wegens: een schending van bepalingen van het hoofdstuk; of indien de aanbieder volgens het interne recht van een partij niet rechtstreeks beroep kan instellen wegens schending van bepalingen van het hoofdstuk, wegens een niet-naleving van de maatregelen die een partij ter uitvoering van de bepalingen van dit hoofdstuk heeft ingesteld, die zich voordoet in het kader van een onder dit hoofdstuk vallende opdracht waarbij de aanbieder belang heeft of heeft gehad. De procedurele regels voor alle bezwaar- en beroepsprocedures worden op schrift gesteld en openbaar gemaakt. 2. Indien een aanbieder in het kader van een onder dit hoofdstuk vallende opdracht waarbij hij een belang heeft of heeft gehad, een klacht indient wegens schending of niet-naleving als bedoeld in lid 1, moedigt de partij waartoe de aanbestedende entiteit behoort, de entiteit en de aanbieder aan het geschil door overleg te beslechten. De aanbestedende entiteit neemt dergelijke klachten tijdig en onbevooroordeeld in beraad op een wijze die geen afbreuk doet aan de deelname van de aanbieder aan lopende of toekomstige aanbestedingen of aan diens recht om door middel van de procedure voor administratieve of rechterlijke toetsing corrigerende maatregelen te vragen. 3. Iedere aanbieder krijgt voldoende tijd om een bezwaar of beroep voor te bereiden en in te stellen; deze termijn bedraagt ten minste tien dagen vanaf het tijdstip waarop de grond voor het bezwaar of beroep voor de aanbieder bekend is geworden of redelijkerwijs bekend had moeten worden. 4. Door elke partij wordt ten minste één onpartijdige en van de aanbestedende entiteiten onafhankelijke administratieve of rechterlijke autoriteit ingesteld of aangewezen om een bezwaar of beroep door een aanbieder in het kader van een onder dit hoofdstuk vallende opdracht te ontvangen en te beoordelen. 5. Indien een beroep in eerste aanleg wordt beoordeeld door een andere dan één van de in lid 4 bedoelde autoriteiten, ziet de partij erop toe dat de aanbieder tegen de oorspronkelijke beslissing beroep kan instellen bij een onpartijdige bestuurlijke of rechterlijke instantie die onafhankelijk is van de aanbestedende entiteit die de aanbesteding heeft uitgeschreven waarop het beroep betrekking heeft. 6. Elke partij ziet erop toe dat, indien het een beslissing van een niet-rechterlijke toetsingsinstantie betreft, rechterlijke toetsing mogelijk is of dat de regels inzake procesvoering bepalen dat: de aanbestedende entiteit schriftelijk op het beroep reageert en alle relevante documenten aan de toetsingsinstantie ter beschikking stelt; de partijen bij de procedure het recht hebben te worden gehoord alvorens de toetsingsinstantie een beslissing neemt over het bezwaar of beroep; de partijen bij de procedure het recht hebben zich te laten vertegenwoordigen en vergezellen; de partijen bij de procedure toegang hebben tot alle zittingen in het kader van de procedure; de partijen bij de procedure het recht hebben te verzoeken dat de zittingen in het openbaar plaatsvinden en dat getuigen deze mogen bijwonen; en de toetsingsinstantie haar beslissingen of aanbevelingen tijdig schriftelijk vaststelt en de grondslag van elke beslissing of aanbeveling daarbij toelicht. 7. Elke partij stelt procedures in, of handhaaft deze, die voorzien in: snelle voorlopige maatregelen die de mogelijkheid van de aanbieder om aan de aanbesteding deel te nemen in stand houden. Dergelijke voorlopige maatregelen kunnen aanleiding geven tot opschorting van de aanbestedingsprocedure. Er kan worden bepaald dat bij het nemen van de beslissing over het al dan niet toepassen van dergelijke maatregelen rekening mag worden gehouden met doorslaggevende negatieve gevolgen voor de belangen die op het spel staan, waaronder het algemeen belang. Een beslissing om niet op te treden wordt schriftelijk gemotiveerd; en corrigerende maatregelen of compensatie voor het geleden verlies of de geleden schade; deze corrigerende maatregelen of compensatie kunnen beperkt blijven tot de voor het opstellen van de inschrijving of het instellen van het beroep gemaakte kosten, of beide, indien de beroepsinstantie bepaalt dat er sprake is van een inbreuk of niet-nakoming als bedoeld in lid 1. 8. Uiterlijk tien jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst onderhandelen de partijen over het verder werken aan de kwaliteit van rechtsmiddelen, een eventuele verbintenis tot invoering of handhaving van precontractuele rechtsmiddelen daaronder begrepen.

Rechtspraak bij dit artikel