**1.** Elke partij bepaalt dat haar bevoegde autoriteiten de bevoegdheid hebben van de houder van een recht die om toepassing van de in artikel 20.43 bedoelde procedures verzoekt, te verlangen dat hij een redelijke mate van zekerheid stelt of een gelijksoortige waarborg biedt die voldoende is om de verweerder en de bevoegde autoriteiten te beschermen en om misbruik te beletten. Elke partij bepaalt dat deze zekerheid of gelijksoortige waarborg niet op onredelijke wijze mag weerhouden van gebruikmaking van deze procedures.
**2.** Elke partij kan bepalen dat een dergelijke zekerheid de vorm kan hebben van een borgstelling ter bescherming van de verweerder tegen het risico van verlies of schade door opschorting van de vrijgave of het vasthouden van de goederen, ingeval de bevoegde autoriteiten vaststellen dat de goederen geen inbreuk maken. Een partij kan de verweerder enkel in uitzonderlijke omstandigheden of krachtens een rechterlijk bevel toestaan verdachte goederen in bezit te nemen tegen borgstelling of het stellen van een andere vorm van zekerheid.
HOOFDSTUK TWINTIG › AFDELING D
Artikel 20.46
Zekerheid of gelijksoortige waarborg
Onderdeel van Brede Economische en Handelsovereenkomst tussen Canada, enerzijds, en de Europese Unie en haar lidstaten, anderzijds· Financieel en economisch recht