Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Bevoegdheden van de raad van bestuur

Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de internationale EU-LAC-Stichting· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 14 juli 2019

De raad van bestuur van de EU-LAC-Stichting oefent de volgende bevoegdheden uit: aanstelling van de voorzitter en de uitvoerend directeur van de Stichting; vaststelling van de algemene richtsnoeren voor de werkzaamheden van de Stichting en bepaling van de operationele prioriteiten en het reglement van orde van de Stichting, alsook van de passende maatregelen om de transparantie en verantwoordingsplicht te waarborgen, in het bijzonder met betrekking tot de externe financiering; goedkeuring van de sluiting van de zetelovereenkomst alsook van elke andere overeenkomst of regeling die de Stichting zou kunnen afsluiten met Latijns-Amerikaanse en Caribische staten en EU-lidstaten met betrekking tot voorrechten en immuniteiten; vaststelling van de begroting en personeelsstatuut op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur; goedkeuring van de wijzigingen aan de organisatiestructuur van de Stichting op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur; vaststelling van een meerjarig werkprogramma, met inbegrip van een meerjarige begrotingsraming, die in beginsel een termijn van vier jaar bestrijkt, op basis van het door de uitvoerend directeur ingediende ontwerp; vaststelling van het jaarlijkse werkprogramma, inclusief projecten en activiteiten voor het komende jaar op basis van een door de uitvoerend directeur ingediend ontwerp en binnen het kader van het meerjarenprogramma; vaststelling van de jaarbegroting voor het volgende jaar; goedkeuring van de criteria voor de monitoring en controle van en rapportering over de projecten van de Stichting; vaststelling van het jaarverslag en de jaarrekening van de Stichting van het vorige jaar; verstrekking van richtsnoeren en advies aan de voorzitter en de uitvoerend directeur; voorstelling van wijzigingen van de overeenkomst aan de partijen; beoordeling van de ontwikkeling van de activiteiten van de Stichting en optreden op basis van de door de uitvoerende directeur ingediende rapporten; regeling van de geschillen die zich eventueel kunnen voordoen tussen de partijen met betrekking tot uitlegging of toepassing van de overeenkomst en wijzigingen daarop; intrekking van de aanstelling van de voorzitter en /of van die van de uitvoerend directeur; goedkeuring van het aangaan van strategische partnerschappen; goedkeuring van de sluiting van een overeenkomst of rechtsinstrument waarover is onderhandeld overeenkomstig artikel 15, lid 4, onder i).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel