Naar hoofdinhoud

DEEL VII › Hoofdstuk B

Artikel 30

Eindkosten. Bepalingen die van toepassing zijn op poststromen tussen de aangewezen aanbieders van de landen in het doelsysteem

Onderdeel van Algemeen Postverdrag· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 6 juni 2023

1. De vergoeding voor briefpostzendingen, met inbegrip van partijenpost, maar met uitzondering van M-zakken en CCRI-zendingen, wordt vastgesteld door middel van toepassing van de bedragen per zending en per kilogram die de verwerkingskosten in het land van bestemming weergeven. De kosten die verband houden met de binnenlandse tarieven voor prioritaire zendingen die deel uitmaken van de algemene postale dienst worden gebruikt als grondslag voor de berekening van het bedrag van de eindkosten. 2. De bedragen van de eindkosten in het doelsysteem worden berekend aan de hand van het classificatiesysteem voor zendingen op grond van omvang, indien aanwezig in de binnenlandse dienstverlening, zoals voorzien in artikel 17.5 van het Verdrag. 3. De aangewezen aanbieders in het doelsysteem wisselen op omvang gescheiden zendingen uit in overeenstemming met de voorwaarden omschreven in de Regelingen. 4. De vergoeding voor CCRI-zendingen geschiedt op grond van de desbetreffende bepalingen van de Regelingen. 5. Er gelden per zending en per kilogram gescheiden bedragen voor enerzijds kleine (P) en grote (G) briefpostzendingen en anderzijds volumineuze briefpostzendingen (E) en petits paquets (E). De bedragen worden berekend op basis van 70% van de heffing voor een kleine briefpostzending (P) van 20 gram en voor een grote briefpostzending (G) van 175 gram, exclusief btw of andere heffingen. Voor volumineuze briefpostzendingen (E) en petits paquets (E) worden de bedragen berekend op basis van omvang P/G en een gewicht van 375 gram, exclusief btw of andere heffingen. 6. De Postraad formuleert de voorwaarden voor de berekening van de bedragen alsmede de nodige operationele, statistische en boekhoudkundige procedures voor de uitwisseling van op omvang gescheiden zendingen. 7. De bedragen die in een gegeven jaar op de stromen tussen de landen in het doelsysteem worden toegepast, mogen niet leiden tot een verhoging van meer dan 13% van de eindkosten voor een briefpostzending van P/G-omvang à 37,6 gram en van E-omvang à 375 gram ten opzicht van het voorgaande jaar. 8. De bedragen die van toepassing zijn op de poststromen tussen de landen in het doelsysteem vóór 2010 voor kleine (P) en grote (G) briefpostzendingen mogen niet hoger zijn dan: voor 2022: 0,380 BTR per zending en 2,966 BTR per kilogram; voor 2023: 0,399 BTR per zending en 3,114 BTR per kilogram; voor 2024: 0,419 BTR per zending en 3,270 BTR per kilogram; voor 2025: 0,440 BTR per zending en 3,434 BTR per kilogram. 9. De bedragen die van toepassing zijn op de poststromen tussen de landen in het doelsysteem voor volumineuze briefpostzendingen (E) en petits paquets (E), mogen niet hoger zijn dan: voor 2022: 0,864 BTR per zending en 1,942 BTR per kilogram; voor 2023: 0,950 BTR per zending en 2,136 BTR per kilogram; voor 2024: 1,045 BTR per zending en 2,350 BTR per kilogram; voor 2025: 1,150 BTR per zending en 2,585 BTR per kilogram. 10. De bedragen die van toepassing zijn op de poststromen tussen de landen in het doelsysteem voor kleine (P) en grote (G) briefpostzendingen mogen niet lager zijn dan: voor 2022: 0,272 BTR per zending en 2,121 BTR per kilogram; voor 2023: 0,292 BTR per zending en 2,280 BTR per kilogram; voor 2024: 0,314 BTR per zending en 2,451 BTR per kilogram; voor 2025: 0,330 BTR per zending en 2,574 BTR per kilogram. 11. De bedragen die van toepassing zijn op de poststromen tussen de landen in het doelsysteem voor volumineuze briefpostzendingen (E) en petits paquets (E), mogen niet lager zijn dan: voor 2022: 0,677 BTR per zending en 1,523 BTR per kilogram; voor 2023: 0,711 BTR per zending en 1,599 BTR per kilogram; voor 2024: 0,747 BTR per zending en 1,679 BTR per kilogram; voor 2025: 0,784 BTR per zending en 1,763 BTR per kilogram. 12. De bedragen die van toepassing zijn op poststromen tussen landen in het doelsysteem vanaf 2010 en 2012 alsmede tussen deze landen en landen in het doelsysteem vóór 2010 voor kleine (P) en grote (G) briefpostzendingen, mogen niet hoger zijn dan: voor 2022: 0,342 BTR per zending en 2,672 BTR per kilogram; voor 2023: 0,372 BTR per zending en 2,905 BTR per kilogram; voor 2024: 0,404 BTR per zending en 3,158 BTR per kilogram; voor 2025: 0,440 BTR per zending en 3,434 BTR per kilogram. 13. De bedragen die van toepassing zijn op poststromen tussen landen in het doelsysteem vanaf 2016 alsmede tussen deze landen en landen in het doelsysteem vóór 2010 of vanaf 2010 en 2012 voor kleine (P) en grote briefpostzendingen (G), mogen niet hoger zijn dan: voor 2022: 0,313 BTR per zending en 2,443 BTR per kilogram; voor 2023: 0,351 BTR per zending en 2,738 BTR per kilogram; voor 2024: 0,393 BTR per zending en 3,068 BTR per kilogram; voor 2025: 0,440 BTR per zending en 3,434 BTR per kilogram. 14. Voor stromen van minder dan 50 ton per jaar tussen landen die zich in 2010, 2012 en 2016 hebben aangesloten bij het doelsysteem alsmede tussen deze landen en landen die vóór 2010 deel uitmaakten van het doelsysteem worden de componenten per kilogram en per zending omgezet in een totaalbedrag per kilogram, op basis van een gemiddelde mondiale samenstelling van één kilogram post, waarbij zendingen van omvang P en G 3,97 zendingen met een gewicht van 0,14 kilogram, en zendingen van omvang E 5,45 zendingen met een gewicht van 0,86 kilogram vertegenwoordigen. 15. De bedragen van de eindkosten die van toepassing zijn op volumineuze briefpostzendingen (E) en petits paquets (E) die zelf vastgesteld zijn overeenkomstig artikel 29 vervangen de tarieven die van toepassing zijn op volumineuze briefpostzendingen (E) en petits paquets (E) in dit artikel; derhalve zijn de bepalingen vastgelegd in de leden 7, 9, en 11 niet van toepassing. 16. De vergoeding voor partijenpost verzonden naar landen die vóór 2010 deel uitmaakten van het doelsysteem wordt vastgesteld door toepassing van de bedragen per zending en per kilogram voorzien in de leden 5 tot en met 11, of artikel 29, naargelang van toepassing. 17. De vergoeding voor partijenpost verzonden naar landen die vanaf 2010, 2012 en 2016 deel uitmaken van het doelsysteem wordt vastgesteld door toepassing van de bedragen per zending en per kilogram voorzien in de leden 5 en 10 tot en met 13, of artikel 29, naargelang van toepassing. 18. Bij dit artikel kan geen voorbehoud worden gemaakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel