Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Verlening van rechten

Onderdeel van Verdrag inzake luchtdiensten tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Curaçao, en de Regering van de Staat Qatar· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 december 2018

1. Elke partij verleent de andere partij de volgende rechten voor het verrichten van luchtdiensten door de aangewezen luchtvaartmaatschappijen van de andere partij: het recht zonder te landen over haar grondgebied te vliegen; het recht op haar grondgebied te landen anders dan voor verkeersdoeleinden; het recht te landen op het grondgebied van de andere partij op de punten die omschreven zijn in de routetabel in de bijlage bij dit Verdrag ten behoeve van het opnemen en afzetten van passagiers en vracht, met inbegrip van post, afzonderlijk of gecombineerd; en de rechten die elders zijn omschreven in dit Verdrag. 2. De luchtvaartmaatschappijen van elke partij, anders dan die aangewezen uit hoofde van artikel 3 (Aanwijzing en verlening van vergunningen) van dit Verdrag, genieten eveneens de rechten die omschreven zijn in het eerste lid, onderdelen a en b, van dit artikel. 3. Geen van de bepalingen van dit Verdrag wordt geacht de luchtvaartmaatschappij(en) van de ene partij het recht te geven op het grondgebied van de andere partij tegen vergoeding of beloning passagiers, vracht of post op te nemen bestemd voor een ander punt op het grondgebied van die andere partij.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel