**1.** De partijen erkennen dat de klimaatverandering een gemeenschappelijke mondiale dreiging vormt en dat alle landen actie moeten ondernemen om emissies te verminderen, teneinde de concentraties van broeikasgassen in de atmosfeer te stabiliseren op een niveau waarbij gevaarlijke antropogene verstoring van het klimaatsysteem wordt voorkomen. Binnen de grenzen van hun respectieve bevoegdheden en zonder afbreuk te doen aan de besprekingen over klimaatverandering in andere fora, zoals het Raamverdrag van de VN inzake klimaatverandering (UNFCCC), verbinden de partijen zich ertoe de samenwerking op dit gebied te intensiveren. Deze samenwerking beoogt, zonder zich daartoe te beperken, het volgende:
de bestrijding van de klimaatverandering met als algemeen doel de stabilisering van de concentraties van broeikasgassen in de atmosfeer, rekening houdend met de meest recente wetenschappelijke informatie en de noodzaak van een overgang naar economieën met lage emissies zonder een duurzame economische groei te onderbreken, door middel van landenspecifieke schadebeperkings- en aanpassingsmaatregelen;
de uitwisseling van expertise en informatie met betrekking tot het ontwerp, de tenuitvoerlegging en de ontwikkeling van de respectieve binnenlandse schadebeperkingsaanpak- en maatregelen, met inbegrip van marktgebaseerde mechanismen, waar relevant;
de uitwisseling van expertise en informatie met betrekking tot openbare en particuliere financieringsinstrumenten voor klimaatactie;
de samenwerking inzake onderzoek, ontwikkeling, verspreiding, invoering en overdracht van emissiearme technologieën, teneinde de emissie van broeikasgassen te verminderen en het efficiënte gebruik van hulpbronnen te bevorderen, met instandhouding van de economische groei;
de uitwisseling van ervaring, expertise en optimale werkwijzen, waar passend, voor het toezicht op en de analyse van de gevolgen van broeikasgassen en voor de ontwikkeling van schadebeperkings- en aanpassingsprogramma's en strategieën voor emissiearme ontwikkeling;
steun, waar passend, voor schadebeperkings- en aanpassingsmaatregelen in ontwikkelingslanden;
de samenwerking voor een robuuste en wettelijk bindende internationale klimaatovereenkomst waaraan alle landen gebonden zijn.
**2.** Tot dit doel komen de partijen overeen een regelmatige dialoog te voeren en samen te werken op politiek, beleids- en technisch niveau, zowel bilateraal als in de relevante plurilaterale en multilaterale fora.
TITEL VIII
Artikel 46
Klimaatverandering
Onderdeel van Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Australië, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 21 oktober 2022