Naar hoofdinhoud

TITEL VIII › HOOFDSTUK 1

Artikel 362

Partnerschapsraad

Onderdeel van Brede en versterkte Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Armenië, anderzijds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 maart 2021

1. Er wordt een Partnerschapsraad opgericht. De Partnerschapsraad houdt toezicht op en toetst regelmatig de uitvoering van deze overeenkomst. 2. De Partnerschapsraad is samengesteld uit vertegenwoordigers van de partijen op ministerieel niveau en komt regelmatig bijeen, ten minste eenmaal per jaar en verder wanneer de omstandigheden zulks vereisen. De Partnerschapsraad komt bijeen in een samenstelling die in onderling overleg wordt bepaald. 3. De Partnerschapsraad behandelt alle belangrijke vraagstukken die zich in het kader van deze overeenkomst voordoen en alle andere bilaterale of internationale vraagstukken van gemeenschappelijk belang, teneinde de doelstellingen van deze overeenkomst te verwezenlijken. 4. De Partnerschapsraad stelt zijn eigen reglement van orde vast. 5. De Partnerschapsraad wordt beurtelings voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Europese Unie en een vertegenwoordiger van de Republiek Armenië. 6. Om de doelstellingen van de overeenkomst te bereiken, heeft de Partnerschapsraad de bevoegdheid besluiten te nemen binnen de toepassingssfeer van deze overeenkomst voor de in de overeenkomst vermelde gevallen. De besluiten zijn bindend voor de partijen, die de nodige maatregelen treffen voor de uitvoering ervan. De Partnerschapsraad kan tevens aanbevelingen doen. De Partnerschapsraad stelt zijn besluiten en aanbevelingen vast in overleg tussen de partijen, mits deze hun respectievelijke interne procedures hebben voltooid. 7. De Partnerschapsraad is een forum voor uitwisseling van informatie over de wetgeving van de Europese Unie en de Republiek Armenië, zowel wetgeving die in voorbereiding is als wetgeving die van kracht is, en over de maatregelen ter uitvoering, afdwinging en naleving ervan. 8. De Partnerschapsraad is bevoegd om de bijlagen bij te werken of te wijzigen, zonder afbreuk te doen aan eventuele specifieke bepalingen uit hoofde van titel VI.

Rechtspraak bij dit artikel