**1.** De verdragsluitende partijen verlenen elkaar door tussenkomst van hun douaneadministraties bijstand ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving, in het bijzonder met het oog op het voorkomen, onderzoeken en bestrijden van inbreuken op die wetgeving, in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag, alsmede om de veiligheid van de internationale logistieke keten te waarborgen.
**2.** Alle bijstand uit hoofde van dit Verdrag door een verdragsluitende partij wordt verleend in overeenstemming met haar nationale wetgeving en binnen de grenzen van de bevoegdheden en beschikbare middelen van haar douaneadministratie.
**3.** Wederzijdse bijstand uit hoofde van dit Verdrag laat de toepasselijke bepalingen inzake wederzijdse bijstand in strafzaken onverlet.
**4.** Personen kunnen aan de bepalingen van dit Verdrag niet het recht ontlenen de uitvoering van een verzoek om bijstand te doen beletten.
**5.** Dit Verdrag laat onverlet de rechten of verplichtingen die voortvloeien uit het lidmaatschap van het Koninkrijk der Nederlanden van de Europese Unie en van de Republiek Belarus van de Euraziatische Douane-unie.
HOOFDSTUK II
Artikel 2
Reikwijdte
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Belarus inzake samenwerking en wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 2019