Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Doelstellingen

Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Australië inzake olievoorraadovereenkomsten· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 19 oktober 2018

1. De hoofddoelstelling van dit Verdrag is de Regering van Australië in staat te stellen te voldoen aan haar verplichting om noodolievoorraden aan te houden die overeenkomen met negentig (90) dagen netto-olie-invoer overeenkomstig artikel 2, tweede lid, van de IEP Overeenkomst. 2. Dit Verdrag stelt een Australische entiteit of de bevoegde autoriteit van Australië in staat om olievoorraden aan te houden op het grondgebied van Nederland uit hoofde van commerciële olievoorraadovereenkomsten, om deze olievoorraden toe te rekenen aan de verbintenis van Australië om een noodvoorraad aan te houden om te voldoen aan de verplichting om noodolievoorraden aan te houden die overeenkomen met negentig (90) dagen netto-olie-invoer overeenkomstig de artikelen 2 en 3 van de IEP Overeenkomst en artikel 3 van de Bijlage bij de IEP Overeenkomst. 3. Olievoorraden waarop dit Verdrag van toepassing is kunnen worden aangehouden: door de bevoegde autoriteit in Australië zelf; of door een Australische entiteit; of door een entiteit die olievoorraden in Nederland aanhoudt namens de bevoegde autoriteit in Australië. 4. Om iedere twijfel weg te nemen over de IEP verslagleggingsverplichtingen van de partijen met betrekking tot olievoorraden die in Nederland worden aangehouden, vormen de goedkeuringen die zijn afgegeven overeenkomstig artikel 6 van dit Verdrag de formele vastlegging van olievoorraden die in Nederland worden aangehouden waarvoor olievoorraadovereenkomsten met de bevoegde autoriteit van Australië gelden, of met een entiteit die beschreven wordt in artikel 2, derde lid, van dit Verdrag, en waarop dit Verdrag van toepassing is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel