**1.** Indien de bijstand waar uit hoofde van dit Verdrag om wordt verzocht een inbreuk zou kunnen vormen op de soevereiniteit, de wetten en de verplichtingen krachtens verdragen, veiligheid, de openbare orde of een ander wezenlijk nationaal belang van een aangezocht Lid, of rechtmatige handels- of beroepsbelangen zou kunnen schaden, kan deze bijstand door dat Lid worden geweigerd of worden verstrekt met inachtneming van alle door hem daaraan verbonden voorwaarden.
**2.** Indien een verzoekende administratie niet in staat zou zijn een soortgelijk verzoek van de aangezochte administratie in te willigen, wijst zij daarop in haar verzoek. Inwilliging van een dergelijk verzoek wordt overgelaten aan het oordeel van de aangezochte administratie.
**3.** De bijstand kan worden uitgesteld indien er gronden zijn om aan te nemen dat een lopend onderzoek of een lopende vervolging of procedure hiermee wordt doorkruist. In een dergelijk geval pleegt de aangezochte administratie overleg met de verzoekende administratie om te bepalen of de bijstand kan worden verleend onder de voorwaarden die de aangezochte administratie verlangt.
**4.** Indien de aangezochte administratie van mening is dat de inspanningen die moeten worden verricht om aan een verzoek te voldoen duidelijk niet in verhouding staan tot het beoogde nut voor de verzoekende administratie, kan zij de gevraagde bijstand weigeren.
**5.** Indien de bijstand wordt geweigerd of uitgesteld, worden de redenen hiervoor medegedeeld.
HOOFDSTUK III
Artikel 42
Uitsluitingsgronden
Onderdeel van Verdrag tot oprichting van de Caribische Douaneorganisatie en inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Belastingrecht