Naar hoofdinhoud
1. Voor het gebruik van informatie in het centrale geautomatiseerde informatiesysteem zijn de wettelijke en administratieve bepalingen van het Lid dat de informatie gebruikt van toepassing tenzij de bepalingen in dit Verdrag stringenter zijn. 2. Leden mogen informatie verkregen uit het centrale geautomatiseerde informatiesysteem uitsluitend gebruiken om de doelstellingen vermeld in artikel 44 van dit Verdrag te verwezenlijken. Niettegenstaande kan het Lid dat de informatie heeft verstrekt, op verzoek, goedkeuring hechten aan het gebruik voor andere doeleinden, met inachtneming van alle door hem daaraan verbonden voorwaarden. Dergelijk gebruik dient in overeenstemming te zijn met de wettelijke en administratieve bepalingen van het Lid dat de informatie wil gebruiken. Het gebruik van informatie voor andere doeleinden omvat het gebruik bij strafrechtelijk onderzoek, strafrechtelijke vervolging en strafrechtelijke procedures. 3. Onder de verantwoordelijkheid van de Secretaris-Generaal, mogen ambtenaren van de Organisatie de informatie verkregen uit het centrale geautomatiseerde informatiesysteem uitsluitend gebruiken om de uit hoofde van dit Verdrag vereiste taken uit te voeren, met inachtneming van alle voorwaarden die het managementteam kan opleggen. 4. Persoonsgegevens mogen uitsluitend worden gebruikt indien deze zijn verkregen uit het centrale geautomatiseerde informatiesysteem in overeenstemming met bepalingen die zijn vastgelegd overeenkomstig artikel 52, zevende lid, van dit Verdrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel