**1.** De aangewezen luchtvaartmaatschappijen van elke partij hebben het recht op het grondgebied van een andere partij kantoren te vestigen ten behoeve van de bevordering en verkoop van luchtvervoer.
**2.** De luchtvaartmaatschappijen van elke partij hebben het recht, in overeenstemming met de wetten en voorschriften van de andere partij inzake binnenkomst, verblijf en werk, leidinggevend, commercieel, technisch, operationeel alsmede ander gespecialiseerd personeel te zenden naar en te doen verblijven op het grondgebied van de andere partij voor het verzorgen van luchtvervoer.
**3.** Met inachtneming van de van toepassing zijnde veiligheidsbepalingen, met inbegrip van de Normen en Aanbevolen Werkwijzen („SARPs”) vervat in Bijlagen 6 en 17 bij het Verdrag van Chicago, heeft de aangewezen luchtvaartmaatschappij het recht zelf haar gronddiensten („self-handling”) te verrichten op het grondgebied van de andere partij of, indien de luchtvaartmaatschappij daar de voorkeur aan geeft, voor al deze diensten of een deel daarvan een keuze te maken uit concurrerende agenten. Deze rechten zijn uitsluitend onderworpen aan de interne regelgeving van de partijen en aan fysieke beperkingen die voortvloeien uit overwegingen op het gebied van de veiligheid van luchthavens of de beveiliging van de luchtvaart. Wanneer de wetten, voorschriften, interne regels, contractuele regels of verplichtingen van een partij self-handling uitsluiten, dienen gronddiensten op basis van gelijkheid beschikbaar te zijn voor alle luchtvaartmaatschappijen, de heffingen dienen gebaseerd te zijn op de kosten van de verleende diensten en de aard en kwaliteit van deze diensten dienen vergelijkbaar te zijn met die van diensten als self-handling wel mogelijk zou zijn.
**4.** Een luchtvaartmaatschappij van een partij mag zich rechtstreeks en, naar eigen goeddunken, via haar agenten bezighouden met de verkoop van luchtvervoer op het grondgebied van de andere partij. Een uitzondering hierop kunnen de specifieke bepalingen inzake charters van de luchtvaartautoriteiten vormen. Elke luchtvaartmaatschappij heeft het recht dit luchtvervoer te verkopen en het staat iedere persoon vrij deze te kopen in de valuta van dat grondgebied of in vrij omwisselbare valuta.
**5.** Elke luchtvaartmaatschappij heeft het recht, op verzoek, het na aftrek van plaatselijke uitgaven overblijvende bedrag in te wisselen en naar haar land over te maken en, tenzij dit onverenigbaar is met de wetten en voorschriften die algemeen van toepassing zijn, naar elk ander land van haar keuze. Inwisseling en overmaking worden onverwijld en zonder beperkingen of belastingheffing toegestaan, tegen de wisselkoers die van toepassing is op gewone transacties en overmakingen op de datum waarop de luchtvaartmaatschappij de eerste aanvraag tot overmaking indient.
**6.** Bij de exploitatie of het onderhouden van de toegestane diensten uit hoofde van dit Verdrag kan elke luchtvaartmaatschappij van een partij op het gebied van marketing samenwerkingsregelingen aangaan, met inbegrip van maar niet beperkt tot vast af te nemen plaatsen, code-sharing- of lease-regelingen met:
een luchtvaartmaatschappij of luchtvaartmaatschappijen van elke partij;
een luchtvaartmaatschappij of luchtvaartmaatschappijen van een derde land; en
een aanbieder van vervoer over land en/of water van elk land,
op voorwaarde dat alle deelnemers aan dergelijke regelingen i. de vereiste bevoegdheden hebben; en ii. voldoen aan de eisen die gewoonlijk op dergelijke regelingen van toepassing zijn.
**7.** Het is luchtvaartmaatschappijen en indirecte aanbieders van vrachtvervoer van beide partijen onverminderd toegestaan ten behoeve van internationaal luchtvervoer gebruik te maken van vervoer over land en/of water voor vracht naar of vanaf alle punten, met inbegrip van vervoer naar en vanaf alle luchthavens met douanevoorzieningen en vracht onder douanetoezicht met inachtneming van de toepasselijke wetten en voorschriften te vervoeren. Deze vracht, ongeacht of deze over land en/of water of door de lucht wordt vervoerd, wordt toegelaten tot de douaneafhandeling en douanevoorzieningen op de luchthaven. Luchtvaartmaatschappijen kunnen ervoor kiezen zelf hun vervoer over land en/of water te verrichten of door middel van regelingen met andere vervoerders over land en/of water, met inbegrip van vervoer over land en/of water geëxploiteerd door andere luchtvaartmaatschappijen en indirecte aanbieders van vrachtvervoer door de lucht. Deze intermodale vrachtdiensten kunnen worden aangeboden tegen een allesomvattende prijs voor het vervoer door de lucht en over land en/of water tezamen, mits de vervoerders niet worden misleid ten aanzien van de feiten aangaande dergelijk vervoer.
Artikel 8
Commerciële mogelijkheden
Onderdeel van Verdrag inzake luchtvervoer tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Sint Maarten, en de Dominicaanse Republiek inzake luchtvervoer tussen en via hun onderscheiden grondgebieden· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 1 februari 2025